Gezinskaart van Osebrandt Johan Rengers (1620-1681)

Osebrandt Johan RENGERS, heer van Slogteren, geboren 1620, overleden 1681, zoon van Oesebrandt RENGERS en Anna CLANT van LUDEMA.

Osebrandt was in de 17e eeuw de machtigste en rijkste jonker van Fivelingo, een streek in de provincie Groningen.
Hij woonde op de Fraeylemaborg in Slochteren en was bevriend met Johan de Witt, die hier in 1670 heeft gelogeerd.

Fraeylemaborg in 1678
(afbeelding van W.J. Formsma, De Ommelander Borgen en Steenhuizen)

Tegen betaling van 500 gulden werd Osebrandt in 1641 tijdens een verblijf in Parijs benoemd tot ridder in de orde van de “Heilige Michaël” en legde de eed van trouw af aan de Franse koning Lodewijk XIII.

Hij is getrouwd Slochteren 19-12-1647 (ondertrouwd Groningen 13-11-1647) met Willem Anna LEWE, geboren Eelde, Huize ter Hansouwe 1628 , overleden 1677, dochter van Evert LEWE en Anna COENDERS van HELPEN.

Groningen 13-11-1647,
ondertrouw Osebrandt en Willem
Slochteren 17-12-1647,
huwelijk Osebrandt en Willem

 

 

 

 

 

 

 

Uit dit huwelijk:

  1. Anna RENGERS, gedoopt Slochteren 16-01-1649, overleden vóór 09-12-1662.
  2. Osebrand Johan RENGERS, gedoopt Slochteren 31-08-1650, overleden 1682.
  3. Titia RENGERS, gedoopt Slochteren 21-09-1651, overleden vóór 17-10-1652. 
  4. Titia RENGERS, gedoopt Slochteren 17-10-1652.
    Zij is getrouwd Slochteren 21-12-1679 met Adriaen van der MERWE, kapitein. En met Joost LEWE COENDERS van HELPEN, geboren Grote Markt Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 10-10-1658, overleden vóór 1703, zoon van Abel COENDERS en  Bijwe LEWE.
  5. Geele RENGERS, gedoopt Slochteren 25-04-1654.
  6. Evert RENGERS, gedoopt Slochteren 06-05-1655. 
  7. Anna Elisabeth RENGERS, gedoopt (als Anna Elijsabeth) Slochteren 01-06-1656, overleden Harkstede 12-08-1704.
    Zij is getrouwd 06-01-1680 (ondertrouwd Groningen 06-12-1679) met Henric PICCARDT, geboren Woltersum 25-03-1636, overleden huize Klein Martijn, Harkstede 06-05-1712, zoon van Gualtherus PICCARDT (predikant) en Harmanna Hindriks van OLINGH. Henric zat samen met zijn schoonvader Osebrandt gevangen.
  8. Evert Jan RENGERS, gedoopt Slochteren 02-08-1657.
  9. Everdina RENGERS, gedoopt Slochteren 05-11-1658. 
  10. Odilia RENGERS, gedoopt Slochteren 01-01-1660, overleden vóór 1695.
    Zij is getrouwd Kolham 23-12-1692 met Joost LEWE COENDERS van HELPEN, heer van Huizinge, geboren Grote Markt Groningen, gedoopt Martinikerk Groningen 10-10-1658, overleden vóór 1703, zoon van Abel COENDERS en  Bijwe LEWE. Joost was eerder getrouwd met Ebbelia Johanna CLANT (1656-1686) en Anna ALDRINGA (1659-1692), dochter van Allart ALDRINGA en Johanna Margaretha van EWSUM.  
    Joost hertrouwt Huizinge 12-05-1695 met Abelia CLANT (van LUDEMA), gedoopt Slochteren 01-01-1660.
  11. Evert RENGERS, gedoopt Slochteren 28-07-1661.
    Hij is getrouwd Slochteren 31-12-1688 met Debora KIEVITS,
  12. Anna RENGERS, gedoopt Groningen Der Aa-Kerk 09-12-1662.
  13. Sieno Hendrik RENGERS, gedoopt Groningen Der Aa-Kerk 07-01-1664.
  14. Everdina RENGERS, gedoopt Slochteren 02-07-1665, overleden vóór 01-09-1671.
  15. Wilmina RENGERS, gedoopt Middelstum en Toornwerd 02-09-1666.
  16. Jan Abel RENGERS, gedoopt Slochteren 29-11-1668.
  17. Everdina RENGERS, gedoopt Slochteren 01-09-1671.

In 1659 heeft Osebrandt het Slochterdiep laten graven voor de afvoer van turf. Het kanaal werd ook wel het Rengersdiep genoemd. Na de beëindiging van het Beleg van Groningen in 1672, werd hij door het stadsbestuur beschuldigd van verraad en vermeende samenspanning met Münster en Keulen.  Osebrandt was een politieke tegenstander van de stad en dit heeft hem waarschijnlijk ook tegengewerkt. Ook op de pijnbank ontkende hij alle schuld, maar werd toch in 1673 tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld en gevangen genomen in de Poelepoort in Groningen.

Groningen, Poelepoort.
(tekening van Cornelis Pronk, 1691-1759)

Door bemiddeling van Willem III kwam er in 1678 een verzoening tot stand tussen Stad en Ommelanden. Hierbij werd Osebrandt in ere hersteld en ontslagen uit de gevangenis. Zijn gezondheid was tijdens zijn gevangenschap verslechterd en hij overleed eind 1681 of begin 1682.